Printen
Exporteren naar e-mail, GPS
Toevoegen aan Mijn Favorieten Route vanaf | naar | via dit adres.
Hasseltse speculaas
| 27-10-2009 Myra Prinsen De Hasseltse speculaas is een lekkernij met historie. Jeneverstokerijen, pelgrims, en hongerige soldaten in de onafhankelijkheidsstrijd zijn enkele ingrediënten uit de geschiedenis van deze smakelijke koek. ![]() Het Speculaasmanneke © Myra Prinsen Jo Tuts is diensthoofd van de Hasseltse Bakkerijschool. Het bordje naast zijn kantoor duidt hem aan als “Speculaasconnaisseur” en zijn visitekaartje als “Grootmaarschalk in de Orde van de Hasseltse Speculaas”. Het zijn titels die hij heeft verdiend met 25 jaar speuren in lokale archieven naar de herkomst van deze Hasseltse specialiteit. Hij ontdekte dat de bakkers aanvankelijk slechts ‘oemp’ maakten; een voedzame homp koek uit de restanten van de jeneverstokerijen. De arme boeren uit de streek produceerden zelf hun drank en gooiden niets weg wat nog eetbaar was. Als ze jenever maakten hielden ze gedeeltelijk verbrande suikers over. Die verwerkten ze tot potsuiker en daar voegden ze bloem en vet aan toe. Zo kregen ze een deeg dat in hompen werd gebakken. Hasselt was een stopplaats op de bedevaartsroute van Maastricht naar Scherpenheuvel en hier sloegen de pelgrims een voorraad oemp in voor onderweg. Volgens Jo Tuts vermeldt de geschiedschrijving voorts dat de Hasseltse bakkers in 1830 oemp bakten voor de hongerige artilleriesoldaten die tegen de Hollanders vochten voor de onafhankelijkheid van België. Pas later werd de koek verrijkt met ingrediënten als honing, specerijen, amandelen en eieren. Joseph Deplée voegde bijvoorbeeld rond 1870 oranjebitter toe aan het deeg en liet de naam Spéculation Deplée officieel vastleggen. Hij was de eerste die deze koek vanuit Hasselt exporteerde en bekend maakte buiten de stads- en de landsgrenzen. Een witteke met een oempDe Hasseltse speculaas is anders dan de Nederlandse. Jacques Vanderstraeten, docent op de Bakkerijschool legt uit wat de verschillen zijn: “Hij is wat vettiger. De korst is hard en van binnen is de koek zachter. Dat komt onder andere doordat we de suiker niet oplossen tijdens het kneden van het deeg. We bakken dit deeg nog altijd in hompjes. Speculaasvormen worden niet gebruikt omdat de tekeningen toch zouden uitvloeien tijdens het bakken. Vormen hebben alleen zin bij deeg voor krokante speculaas.” De laatste jaren probeert Hasselt de speculaas net zo bekend te maken als de jenever. Aan het einde van november – als afsluiting van de Week van de Smaak – worden de Speculaasfeesten georganiseerd. Sinds 2008 is er zelfs een Orde van de Hasseltse Speculaas met een echte mascotte: het bronzen Speculaasmanneke dat de brood- en banketbakkers in 1986 aan de stad schonken. Het heeft een plek gekregen tegenover de ingang van het Jenevermuseum. Want net als vroeger gaan jenever en speculaas nog altijd goed met elkaar samen: in Hasselt laat men zich ook nu bij ‘een witteke’ nog graag ‘een oemp’ smaken. ![]() Speculaasplank van Sinterklaas © Nederlands Bakkerijmuseum Speculaas in NederlandFred Voskuil, conservator van het Nederlands Bakkerijmuseum in Hattem geeft uitleg over de geschiedenis van speculaas in Nederland. Het was uiteraard de VOC die in de 17e eeuw de specerijen naar Nederland bracht: aanvankelijk om voedsel te conserveren of om bederf te camoufleren want de houdbaarheid van producten was vaak lastig. Bakkers gebruikten de specerijen bijvoorbeeld in taai. Door verfijning ontstond later de speculaas. Vanaf de 18e eeuw werden de specerijen goedkoper en in de 19e eeuw kwamen de banketbakkerijen op. De bevolking in de steden werd rijker en kon meer geld uitgeven aan lekkernijen. De bakvormen van speculaas weerspiegelden de actualiteit; bij de komst van de eerste tram bakte de bakker speculaas met een print van een tram. Ook pikante plaatjes gingen gewild over de toonbank. En een aparte vorm waren de vrijerspoppen van speculaas: omdat een jongen zijn liefde niet met woorden mocht betuigen gaf hij het meisje van zijn dromen een speculaaspop. Afhankelijk van het deel dat zij hem teruggaf was er hoop voor hem: wie de benen terugkreeg kon het vergeten, maar als het hoofd terugkwam zat het wel goed. Bakkers en geliefden hadden dezelfde patroonheilige, namelijk Sint Nicolaas. Wellicht is dat de verklaring voor de populariteit van speculaas in de Sinterklaastijd. Recept Hasseltse speculaas (met dank aan de Bakkerijschool Hasselt)Ingedriënten 3,25 kilo donkere kandijsuiker 1,75 kilo boter 20 gram alkali 40 gram maagzout 5 kilo bloem 75 gram kaneel 50 gram speculaaskruiden 250 gram eieren 0,75 liter melk Bereiding Boter en kandijsuiker goed mengen. Alkali en maagzout zeven met een beetje bloem. Bloem, bakpoeder en kruiden toevoegen aan de boter met suiker en alles snel door elkaar mengen. De eieren en de melk toevoegen en kort kneden. Het deeg 24 uur laten rusten op een koele plaats. Deeghompjes van 60 gram afwegen. Bakken: 18 minuten op 230°C. VerkoopadressenEnkele adressen waar de echte Hasseltse speculaas te koop is: Patisserie Verboven: Botermarkt 24 Patisserie Cools: Kapelstraat 27 Patisserie Wertelaers: Maastrichterstraat 42 / Kiewitstraat 120 / Hasseltsedreef 152 / Luikersteenweg 330b1 Brood en banketbakkerij Cupers: St.-Truidersteenweg 504 Bakkerij Bikkems: Genkerssteenweg 20 Bakkerij Alex Van Brabant: Kuringersteenweg 29 Bakkerij Delpaifve: Minderbroederstraat 10 Bakkerij Vanderstraeten: Graaf de Brigodestraat 45 Bakkerij Mottart: Maastrichtersteenweg 95 Jaarlijkse speculaasfeesten: www.hasseltfeestspeculaas.be Nederlands Bakkerijmuseum Kerkhofstraat 13 8051 GG Hattem Tel. 038-4441715 |


