Versie lage downloadsnelheid
Printen Exporteren naar e-mail, GPS
Toevoegen aan Mijn Favorieten

Kookmuseum met nadruk op tradities

09-03-2009

 Myra Prinsen
Een stekje van de vlierbes bij het huwelijk, een flierefluitje bij de geboorte, krakelingen bij het overlijden… Het zijn tradities uit de Nederlandse volkscultuur die het Culinair Historisch Kookmuseum weer uit de vergetelheid heeft gehaald.



© Myra Prinsen

Als etnologe ging Carolina Verhoeven in 1985 oude keukenartikelen verzamelen. Haar collectie is in de loop der jaren zo omvangrijk geworden dat het Culinair Historisch Kookmuseum in Appelscha begin 2009 naar een andere locatie moest verhuizen, want in het oorspronkelijke gebouw kwam ze plaats tekort.
 
Op het eerste gezicht oogt de verzameling niet spectaculair: gebruikte gardes, pollepels koffiemolens, vergieten, weckpotten… Kasten vol met afgedankt kookgerei.
 
Achter elk afzonderlijk voorwerp gaat echter een bijzonder verhaal schuil. Stuk voor stuk hebben de keukenartikelen hun eigen geschiedenis en hun eigen bestaansreden: de weckpotten van de Franse legerkok François Appert en de Duitse familie Weck, de klont boter in een groothoefblad, de varkensblazen, het marsepeinen varkentje, de speculaasvormpjes, de vetpotten…
 
Juist die bonte verzameling achtergrondverhalen uit de volkscultuur maken het museum zo interessant. De medewerkers kennen ze allemaal en kunnen er met veel enthousiasme over vertellen.
 
Wie geen tijd neemt om er naar te luisteren, ziet in het museum slechts een verzameling oude gebruiksartikelen. Overigens ook altijd leuk omdat ze nostalgische herinneringen uit de kinderjaren naar boven halen. Maar de essentie zit in hun geschiedenis, die tijdens de rondleidingen wordt ontsluierd.

Uitgestorven tradities en kookworkshops

Culinair Historisch Museum De Vleer dankt zijn naam aan de wilde vlierbes; een veelzijdige plant die vroeger te pas en te onpas werd gebruikt. De ‘vleer’ tierde welig in de appelbossen rondom Appelscha. Met al z’n goede eigenschappen had de vlierbes in de volkscultuur zowel een praktische als een symbolische waarde. De bessen en hun sap kwamen in de keuken goed van pas. De struik zelf schiet in het voorjaar altijd als eerste uit en de boeren plantten hem tegen de melkkelders om die koel te houden. En bij de geboorte van een baby sneden ze een fluitje uit vlierbessenhout zodat het kind een zorgeloos en gelukkig leven tegemoet zou gaan.
 
Het museum presenteert uitgestorven tradities die te maken hebben met eten en de bereiding daarvan. Van de wieg tot het graf. Van het flierefluitje tot de krakeling die door zijn oneindige vorm een symbool is voor het eeuwige leven. De route door het museum begint met de geboorte van een mens en eindigt met diens dood.
 
Overigens is het mogelijk om een rondleiding te combineren met een proeverij in de Eetkamer. Daarbij mogen de bezoekers zelf kiezen uit verschillende thema’s zoals bijvoorbeeld Middeleeuws, Oudhollands of Grootmoeder.
Naast rondleidingen biedt De Vleer op de oude locatie ook kookworkshops aan. Daarom zijn de historische fornuizen zijn niet allemaal meeverhuisd naar het nieuwe museumgebouw. Een kookworkshop wordt wel altijd gecombineerd met een museumbezoek.


© De Vleer

Een rijke eetcultuur

Indrukwekkend is Carolina’s collectie historische koekboeken uit Nederland. Het zijn er 9.000, die overigens niet allemaal in het museum staan, en waarvan de oudste uit 1600 dateert.
 
Carolina Verhoeven las ze allemaal door en heeft zodoende een goed beeld van de culinaire geschiedenis van Nederland: “Eigenlijk hadden we tot aan de wereldoorlogen ook in ons land een rijke eetcultuur. De bevolking at met de seizoenen mee. Maar door de oorlogen werden producten schaars en ging er veel kennis verloren. Daarna veramerikaniseerde onze samenleving. We kregen King Korn brood en een vriezer. De mensen wilden niet meer terug naar de armoedige situatie van voor de oorlog. Pas nu gaat er weer wat belangstelling ontstaan voor de wortels van onze eetgebruiken. Er komt meer vraag naar producten zonder toevoegingen en zonder gif. Ik merk dat er zelfs hier en daar weer interesse is om zelf te gaan wecken.”
 
Het inmaken is volgens Carolina Verhoeven ook na de tweede wereldoorlog uit de volkscultuur verdwenen: “De landbouw introduceerde kunstmest en daardoor gingen de groenten in de weckpot gisten zodat het inmaken mislukte.” Om nieuwe generaties vertrouwd te maken met de oude wecktechnieken werkt ze momenteel aan een boek over het inmaken van groeten en fruit.
 
De kunst van het koken en van het inmaken heeft ze niet van huis uit meegekregen, maar zich eigen gemaakt door zelfstudie, stages en workshops. Op haar eigen oerakkers plantte ze 30 jaar geleden al oude gewassen om die tegen uitsterven te behoeden; de ‘vergeten groenten’ die de laatste jaren weer opleven. Op haar antieke Aga fornuis bereidde ze allerlei recepten uit kookboeken van eeuwen geleden. En in een ouderwets conservenfabriekje leerde ze lang geleden om zelf groenten en fruit in te maken zoals dat een eeuw geleden nog gebeurde. Hoewel ze nooit een officiële kokopleiding volgde is Carolina Verhoeven lid van Eurotoques, de Europese organisatie van ambachtelijk werkende koks die streven naar gezonde voeding.


© De Vleer

Olipodrigo proeven

De Vleer organiseert het hele jaar door historische activiteiten. Zo is er bijvoorbeeld in de zomer gedurende 4 weekenden een Academie Culinaire Historie met excursies. Eind augustus is er het evenement Folklore op Tafel: Carolina Verhoeven zet ook in het buitenland projecten op en aan het einde van de zomer komen vertegenwoordigers van die projecten naar Appelscha om daar hun producten aan het publiek te laten zien. En elk jaar in november worden er enkele  varkens op de ladder gebonden, uitgebeend en ter plekke verwerkt. De medewerkers van het museum bakken dan onder andere kaantjes en maken zure zult.
 
Ook tijdens het museumweekend op 5 en 6 april 2009 is er van alles te doen, want dan is de officiële opening van het nieuwe museumgebouw. Het accent van de activiteiten ligt dat weekend op Slow Food en er zijn volop proeverijen voorzien.
 
Het nieuwe museumgebouw is een eeuwenoude boerderij die werd teruggebracht en ingericht naar de sfeer van rond 1800. Hier zijn ook de Landwinkel en de koffiekamer ‘Ons Moe’ gevestigd. De Landwinkel verkoopt allerlei streekproducten en de koffiekamer serveert huisgemaakte lekkernijen zoals vruchtensappen, appeltaart, brood, koek, beignets en soepen.
 
En elke avond wordt er een Olipodrigo op het oude Aga fornuis gezet: een Middeleeuwse stoofpot met verschillende soorten vlees die toevallig voor handen zijn. Altijd met een beetje zuur om de structuur van het vlees te openen, en altijd met ontbijtkoek om te binden. De Olipodrigo staat, na een hele nacht stoven, steevast de volgende dag bij Ons Moe op het menu.

IJssalon

IJs is een speciale hobby van Carolina Verhoeven, die ze deelt met haar dochter Imke en zoon Mannus. Zowel bij de kookschool als bij het museum hebben ze een salon waar ambachtelijk ijs wordt verkocht.
 
Uiteraard heeft de etnologe zich ook verdiept in de geschiedenis van ijs: “De oude Egyptenaren maakten al ijs in de woestijn. In de nachtelijke woestijnkou lieten ze ‘sjebbet’ in holletjes in de aarde bevriezen. Sjebbet (sorbet) was bevroren vruchtensap. De sorbettechniek werd vanuit Egypte naar Italië gebracht. Toen veel Italianen rond 1850 vanwege de werkloosheid in hun eigen land naar Nederland verhuisden, hebben ze die techniek meegenomen. Ze verkochten hun ijs thuis, in de huiskamer. Vandaar de benaming IJssalon. Maar het ijs werd ook in kleine glaasjes op straathoeken aangeboden. Omdat de klanten de glaasjes leeg likten en het niet zo goed was gesteld met de hygiëne konden besmettelijke ziektes zich op die manier makkelijk verspreiden. Daarom werd de ijsverkoop al snel verboden. Pas toen aan het begin van de 20e eeuw de glaasjes werden vervangen door wafeltjes mochten de ijscomannen weer de straat op.”
 
Bij De Vleer hebben ze de keuze uit ongeveer 15 verschillende smaken. Natuurlijk is er een ijsje op basis van vlierbessen en appels. Maar de best lopende smaak is het zogenaamde “Mannenijsje” van hazelnoot meringue.

Culinair Historisch Kookmuseum, Landwinkel en IJssalon De Vleer
Boerestreek 9
8426 AG  Appelscha
Tel. 0516-430178
 
Kookschool en IJssalon De Vleer
Vaart Zuidzijde 75
8426 AG  Appelscha

ViaMichelin Websites

viamichelin.at
viamichelin.be
viamichelin.ch
viamichelin.com
viamichelin.co.uk
viamichelin.de
viamichelin.es
viamichelin.fr
viamichelin.it
viamichelin.nl
viamichelin.pl
viamichelin.pt

Zakelijk

Business Services
Adverteer op onze internet Site
Persruimte

ViaMichelin en u

Newsletter Toerisme en gastronomie
Newsletter Auto's en mobiliteit
ViaMichelin labs
ViaMichelin.nl/navigationgps
Help ons om de kaarten te verbeteren

De gepaste autoband

Welke autoband kiezen voor uw wagen

© Michelin 2009

Over ViaMichelin.com
Wettelijke vermeldingen
Privacybeleid
Toeristische bestemmingen
Contacten